20-01-21

Rittenregistratie houdt geen stand voor rechter.

De rechter acht het niet waarschijnlijk dat iemand zich nog precies herinnert waar hij vijf jaar geleden allemaal naartoe gereden is. En helemaal niet via welke omweg.

Rittenregistratie houdt geen stand voor rechter.

Op de website van “de rechtspraak” staat een artikel over een BV die een auto kocht ter waarde van ruim € 52.000. Het voertuig werd ter beschikking gesteld aan de directeur. In september 2018 deed de inspecteur van de Belastingdienst een boekenonderzoek bij de BV. Daarbij werd ook gekeken naar het privégebruik van de auto in de periode 2013-2016. Omdat niet was aangetoond dat er jaarlijks minder dan 500 kilometer privé met de auto was gereden (waardoor de BV geen bijtelling had gerekend), werd er een naheffingsaanslag loonheffingen opgelegd van € 14.212. Ook werd € 2.808 aan belastingrente in rekening gebracht.

‘Prematuur oordeel’

Volgens de BV is de naheffingsaanslag ten onrechte opgelegd. Uit de rittenregistratie zou blijken dat de auto voor niet meer dan 500 kilometer voor privédoeleinden is gebruikt. Ook vond de BV dat de uitspraak op bezwaar niet deugdelijk gemotiveerd was en gebaseerd op onjuiste feiten en omstandigheden. Volgens de inspecteur van de Belastingdienst had de BV echter niet aangetoond dat de auto minder dan 500 privékilometers had gereden. Wel diende de naheffingsaanslag te worden verminderd tot € 6.823, omdat het enkelvoudige tarief was verschuldigd en de naheffingsaanslag ten onrechte van het gebruteerde tarief in de eindheffingstabel was uitgegaan.

Rittenregistratie

Op grond van artikel 13bis, zevende lid, van de Wet op de loonbelasting moet een rittenregistratie ten minste de volgende gegevens bevatten: het merk, type en kenteken van de auto, en de periode van terbeschikkingstelling van de auto. Per rit moet vervolgens worden genoteerd:

1°. datum;

2°. beginstand en eindstand van de kilometerteller;

3°. beginadres en eindadres;

4°. de gereden route indien deze afwijkt van de meest gebruikelijke;

5°. het karakter van de rit.

Oordeel rechtbank

De bestuurder van de BV, en tevens de bestuurder van de auto, hield in 2013 in een schrift de ritten bij. Hij noteerde doorgaans de datum, de kilometerstand en een omschrijving waar hij naartoe was gereden. Het aantal kilometers en het begin- en eindadres vermeldde hij niet. Vast staat dat de rittenregistratie pas vijf jaar na dato is aangevuld met: datum, postcode, aantal kilometers, eindstand kilometerteller en een omschrijving van de rit. In de digitale rittenregistratie van 2019 zijn ten opzichte van die van 2018 in de kolom omschrijving postcodes en huisnummers toegevoegd. Er kan niet worden gecontroleerd of de kilometers die zijn genoteerd voor het omrijden ook correct en terecht volledig als zakelijk zijn aangemerkt. De enkele verklaring van de bestuurder dat het zakelijke- en geen privé-kilometers zijn, is daartoe onvoldoende. De rechtbank constateert verder dat er verschillen zitten in hetgeen in het schrift is genoteerd en hetgeen in de aangevulde digitale versies van de rittenregistratie is vermeld. De rechtbank concludeert dat de BV niet overtuigend heeft aangetoond dat met de auto minder dan 500 kilometer privé is gereden. De correctie wegens het privégebruik van de auto is derhalve terecht.

Accredis

Met het rittenregistratiesysteem van Accredis worden al uw ritten automatisch bijgehouden en kunt u gemakkelijk aangeven of uw ritten privé of zakelijk waren. Zo voorkomt u fouten in uw administratie en de bijbehorende problemen met de belastingdienst. Het systeem beschikt over het Keurmerk Ritregistratiesytemen en voldoet aan alle eisen van de belastingdienst. Deze zijn opgenomen in het Normenkader RRS.

Vraag een offerte aan